Doof

DoofDoof betekent niet in staat zijn om te horen. Vaak wordt deze term echter ook gebruikt voor mensen die slechthorend zijn. Bij een verlies van 90db of meer wordt iemand “doof” verklaard. Dit kan zowel voor één oor (eenzijdige doofheid) als voor beide oren gelden. Een ander woord is ‘auditief beperkt.’

We onderscheiden 2 verschillende vormen: prelinguaal en postlinguaal.

Prelinguale doofheid

Een letterlijke vertaling van prelinguaal is “voor de taal”. Dit betekent dat de doofheid of slechthorendheid is opgetreden voordat men het 3e levensjaar heeft bereikt. “Voor de taal” wil zeggen dat er sprake is van doofheid voordat het vermogen om te praten is ontwikkeld. In de praktijk betekent dit echter vaak dat men doof geboren is. Praten voor de groep doven met prelinguale doofheid is daarom zeer lastig. In plaats van te luisteren leren ze vaak praten door middel van gevoel en door goed te kijken. Doordat ze zelf niet kunnen horen ontwikkelen ze vaak een typisch “doven-accent.”

Postlinguale doofheid

Postlinguaal wil zeggen “na de taal”. Deze vorm van beperking vindt plaats op latere leeftijd. Men heeft het vermogen om te praten al geleerd en is daarna doof geworden. Deze beperking kan bijvoorbeeld ontstaan door een ongeluk of door een hersenvliesontsteking. De meeste mensen worden doof na het ontwikkelen van taal en spraak. Deze groep is dan ook een stuk groter dan de groep prelinguale doven.

Veel mensen gebruiken gebarentaal om te communiceren doordat communiceren door middel van spraak vaak geen optie (meer) is.